Nederland heeft een lange militaire geschiedenis, waarin heel wat werd gebouwd. Het Rijksvastgoedbedrijf beheert het militair vastgoed van het ministerie van Defensie, waaronder veel met een beschermde status. Bunkers uit de Tweede Wereldoorlog, noodzetels uit de Koude Oorlog, forten en kazernes.
Militair erfgoed
Aan kazernes kun je heel goed de ontwikkeling van de Nederlandse krijgsmacht aflezen. In de negentiende eeuw waren het vooral gebouwen waarin de soldaten waren gelegerd. Daar kwam verandering in met de komst van auto’s, tanks, zwaardere bewapening en daarbij de behoefte aan oefenterreinen. Naast kazernes in de stad, zoals de goed bewaard Johan Willen Friso kazerne in Assen uit eind negentiende eeuw, vonden de militaire activiteiten plaats in nog dunbevolkte gebieden zoals heidevelden op de Veluwe. De manschappen verbleven tijdens de zomeroefeningen in semi permanente tentenkampen. Officiersverblijven en messgebouwen werden in een hout opgetrokken. Op de legerplaats bij Oldebroek en op de Harskamp is deze houten kazernebouw terug te vinden.
In de aanloop naar de Tweede Wereldoorlog werden voor de verdediging van de oostgrens in een hoog tempo kazernes voor de huisvesting van de zogenaamde grensbataljons gebouwd. De in 1939 gebouwde Du Moulin kazerne in Soesterberg is nog compleet: de legeringsgebouwen, het bureel- en wachtgebouw, het kantine en keukengebouw zijn bewaard. Bij ander kazernes werden gebouwen in de loop van de tijd gesloopt.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog liet Arthur Seyss-Inquart, destijds hoogste vertegenwoordiger van de Duitse bezetter in Nederland, een immense en zelfs relatief ‘luxe’ uitgevoerde bunker bouwen op de grens van Den Haag en Wassenaar. De bunker diende als schuilplaats bij een eventuele aanval van de geallieerden. Defensie gebruikte deze bunker na de Tweede Wereldoorlog als commandocentrum bij internationale spanningen én er vonden regelmatig (NAVO)oefeningen plaats. Onder 4 meter beton werden hier tijdens de Koude Oorlog tientallen keren militaire aanvallen vanuit het Oostblok gesimuleerd en beantwoord. Na 2013 verplaatste Defensie de activiteiten naar andere locaties en werd de bunker eigendom van het Rijksvastgoedbedrijf.
De waterlinie, een netwerk van defensieve bouwwerken, is een typische Nederlandse uitvinding. Bij vijandelijke invallen worden de dijken tussen de serie van forten doorbroken, zodat het omringende landschap vol water komt te staan en de kanonnen verzanden in de blubber. Met de komst van de vliegtuigen, was deze tactiek verouderd. Er zijn meerdere waterlinies in Nederland gebouwd, waarvan de oudste stamt uit de zestiende eeuw. Fort Crèvecoeur aan de Maas werd in 1587 aangelegd en speelde een belangrijke rol in de geschiedenis van Den Bosch. Bijzonder is ook dat het terrein sinds de aanleg in gebruik is van Defensie. Op het terrein staan drie kruithuizen uit 1748. Het Rijksvastgoedbedrijf bereidt in opdracht van Defensie een plan voor behoud en beheer van de kruithuizen voor. We beheren ook enkele van de 42 forten van de Stelling van Amsterdam. Deze waterlinie uit het begin van de twintigste eeuw staat op de UNESCO Werelderfgoedlijst. De overige forten zijn geen eigendom meer van het Rijk.
We beheren niet alleen in opdracht van Defensie, maar bezitten ook militair erfgoed. Het vooroorlogse vliegkamp Valkenburg bijvoorbeeld is tijdens de Tweede Wereldoorlog in gebruik genomen door de Duitse bezetters. Na de bevrijding, neemt de ‘Marine Luchtvaartdienst’ zijn intrek en krijgt de locatie de naam ‘Marinevliegkamp Valkenburg’. In 2006 verliest het vliegveld zijn functie en het zal plaats maken voor woningbouw. Op het terrein en in de omgeving zijn nog militaire restanten te vinden, zoals het Barakken dorp, bunkers en een monumentale tankgracht. Dit militaire erfgoed wordt geïntegreerd in de woningbouwplannen.
Amsterdam legde in de 17e eeuw de Oostelijke Eilanden aan. Het eiland Kattenburg werd het thuisbasis van de Admiraliteit van Amsterdam en later van de Koninklijke Marine. Op dit terrein zijn meerdere rijksmonumenten uit verschillende perioden te vinden, zoals het Scheepsvaartmuseum en de muur uit de 17e eeuw die het terrein al die eeuwen heeft afgesloten van de stad. Nu krijgt het Marineterrein Amsterdam deels een nieuwe en openbare bestemming met behoud van de rijke historie. Een plek waar mensen kunnen wonen, werken, leren en recreëren.
Bij de Marinewerf in Den Helder is het Koninklijk Instituut voor de Marine (KIM), de opleiding voor adelborsten, gevestigd. Het Rijksvastgoedbedrijf onderhoudt hier de monumentale gebouwen.
De Koude Oorlog: door de dreiging tussen kapitalistische en communistische landen, bouwde de voorloper van het Rijksvastgoedbedrijf in de jaren zestig en zeventig bunkers onder regeringsgebouwen. Vanuit deze noodzetels zou ons land ook in crisistijd te besturen blijven. De belangrijkste, die van de regering, ligt verscholen onder het ministerie van Financiën in Den Haag. In de jaren tachtig raakten de noodzetels buiten gebruik maar de stapelbedden en het kantinemeubilair staan er nog. Vanwege hun locaties zijn de noodzetels niet te bezoeken.
Meer informatie
Commandopost Clingendael
Video over Commandopost Clingendael, de bunker die nazileider Arthur Seyss-Inquart in 1942 liet bouwen aan de rand van Wassenaar.
Lees verderHistorisch militair landschap
Welke delen van het historische ‘militaire landschap’ zijn het bewaren waard?
Lees verderMilitair Erfgoed RCE
Kijk ook eens bij de pagina Militair Erfgoed van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed voor meer verhalen en video's.
RCE: Cultureel erfgoed Militair erfgoed


