Het was nooit het doel van Kantoor Vol Afval (KaVA), maar het proefproject blijkt een goed middel om personeel te werven voor het Rijksvastgoedbedrijf (RVB). ‘Het laat goed zien welke impact hergebruik van bouwmaterialen kan hebben.’
Wekelijks komen er aanvragen voor rondleidingen. Inmiddels zijn er meer dan 1000 bezoekers langs geweest in Katwijk op voormalig Vliegkamp Valkenburg. Daar heeft het RVB een verouderd Defensiekantoorgebouw omgebouwd tot hypermodern kantoor. Dat is op zichzelf niet bijzonder. Uitzonderlijk is dat maar 10 procent van de gebruikte materialen nieuw was.
Prijzen
Het project trekt daardoor de aandacht van architecten, opdrachtgevers, scholen en marktpartijen en inspireert ook sollicitanten, zegt coördinerend adviseur duurzaamheid Jille Koop van het RVB. ‘KaVA laat zien welke impact hergebruik van bouwmaterialen kan hebben binnen reguliere rijksprojecten’, aldus Koop. Het project heeft sinds de oplevering in 2024 meerdere prijzen en nominaties gekregen.
‘Wat bezoekers vaak verrast, is dat hergebruik niet beperkt is tot enkele zichtbare onderdelen, maar is toegepast in het hele gebouw. Van constructie en gevel tot vloerafwerking, plafonds, verlichting en klimaatsystemen.’
Van project naar standaard
De invloed van KaVA is zichtbaar in andere projecten. Het werken met een materiaalstromenoverzicht en eisen aan hergebruik zijn inmiddels opgenomen in de Routekaart verduurzamen. Deze routekaart heeft het RVB in 2023 ingevoerd. Het doel is om met concrete maatregelen de weg te wijzen naar circulair, biobased, natuurinclusief, klimaatadaptief, CO2-neutraal en fossielvrij vastgoed in 2050.
Ook oplossingen uit KaVA, zoals hergebruikte installaties, komen terug in nieuwe aanbestedingen. De aanpak van KaVA is productgericht. Per product wordt bekeken hoe hergebruik mogelijk is. Denk aan plafonds, binnenwanden, ramen en installatieonderdelen. En de opgedane kennis is ook opgenomen in de Rijksbouwgids waarin staat aan welke eisen het rijksvastgoed moet voldoen. ‘De landingsplaats voor gestandaardiseerde eisen’, aldus Koop.
Tekst gaat door onder de foto's.
Hoogwaardige kwaliteit en hergebruik
‘KaVA laat zien dat hergebruik en hoogwaardige kwaliteit hand in hand kunnen gaan. In het ontwerp zijn producten toegepast die esthetisch en functioneel hoogwaardig zijn, zoals het tapijtontwerp en de houten systeemplafonds. Deze combinatie van kwaliteit en hergebruik wordt ook benoemd door jury’s van verschillende prijzen en nominaties, die KaVA in hun beoordelingen noemen als een positief voorbeeld binnen duurzame bouwpraktijken.’
Het idee voor KaVA ontstond in 2019. In 2020 vonden de eerste interne gesprekken plaats en in 2024 werd het project opgeleverd. Daarmee zijn aanbesteding, ontwerp en uitvoering binnen vier jaar gerealiseerd. Een aanpak met veel hergebruik hoeft dus geen uitzonderlijke doorlooptijd te hebben, concludeert Koop.
Enthousiasme in en om het project
Wat Koop vooral is bijgebleven, is het enthousiasme dat het project losmaakte. Niet alleen bij collega’s, maar ook op de bouwplaats. De uitvoerder van de aannemer, verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken op de bouwplaats, noemde KaVA de leukste bouwplaats van zijn carrière.
Ook na oplevering blijft de aandacht groot. Sollicitanten noemen het project een inspiratiebron en geven aan dat de aanpak en de duurzaamheidsambitie hen aanspreken. KaVA draagt daarmee bij aan het imago van het RVB als aantrekkelijke werk- en opdrachtgever.
Erkenning en kennisdeling
Met meerdere prijzen en een Europese nominatie voor de EU Mies van der Rohe Award, krijgt KaVA brede erkenning. Volgens Koop helpt de erkenning om de kennis die in het project is opgedaan te blijven delen. Dat was vanaf het begin een expliciet projectdoel. Die kennis is inmiddels gebundeld en toepasbaar gemaakt vanuit opdrachtgevers-, ontwerpers- en bouwersperspectief. Koop is ook erg blij dat marktpartijen expliciet verwijzen naar KaVA en aangeven een vergelijkbare aanpak te willen toepassen.
Hoe nu verder
Volgens Koop is KaVA meer dan een inspirerend voorbeeld. Het project laat zien dat hergebruik van bouwproducten bijdraagt aan weerbaarheid in een tijd waarin betaalbaarheid, beschikbaarheid en kwaliteit van nieuwe materialen onder druk staan. Daarnaast past deze aanpak binnen de afspraken van het Parijsakkoord. Concreet betekenen die afspraken voor het RVB dat gebouwen in 2050 in het gebruik energieneutraal zijn. En tijdens de bouw moet het RVB de CO2-uitstoot zoveel mogelijk terugdringen.
Meer weten?
Bekijk dan de aflevering over KaVA van de videoserie De techniek achter het Rijksvastgoed


