Plegt-Vos is één van de twee bedrijven die de aanbesteding wonnen voor nieuwe legeringsgebouwen voor Defensie. Door de ervaring met fabrieksmatig bouwen kon Plegt-Vos goed scoren op de combinatie prijs en kwaliteit. ‘Goede maakbaarheid is ook het beste betaalbaar.’

Beeld: Sushilla Kouwen/RVB
Het eerste nieuwe gestandaardiseerde legeringsgebouw met zestig bedden zal op Vliegbasis Leeuwarden verrijzen, maar het daadwerkelijke bouwen gebeurt vooral in Almelo. Daar staan op een bedrijventerrein twee reusachtige fabriekshallen van Plegt-Vos. De Slimme Huizenfabriek noemt het bouwbedrijf deze productielocatie.
Waterdicht ingepakt
Hier zullen de kamers (voor één en acht personen) voor de legeringsgebouwen van de band rollen. Eerst vier per dag. Maar zo nodig kan Plegt-Vos naar eigen zeggen het tempo behoorlijk opvoeren. Vanuit Almelo gaan ze vervolgens - waterdicht ingepakt - op een elektrische vrachtwagen naar Leeuwarden waar de elementen in korte tijd worden samengesmeed tot een legeringsgebouw.

Beeld: Sushilla Kouwen/RVB
'Industrieel bouwen vergt een andere manier van denken', zegt Iris Kuiper (rechts), projectmanager bij Plegt-Vos. Haar collega Dita List (links) heeft het 'bouwproces' onder haar hoede.
Handjevol metselaars
‘Het is niet zo dat Theo Opdam (eigenaar van Plegt-Vos, red.) indertijd bedacht dat hij nou heel graag een huizenfabriek wilde bouwen. Hij was een visionair. Wat we hier zien in het oosten is dat er veel bouwbedrijven zijn, van klein tot groot’, zegt Iris Kuiper, projectmanager bij Plegt-Vos. ‘Maar er zijn steeds minder mensen die in de bouw willen werken. Dat probleem wordt steeds groter. In Almelo staat een metselschool en die had dit jaar maar een handjevol aanmeldingen.’ Tegelijkertijd gaan veel vaklui richting pensioen. Zo wordt het lastig om veel te kunnen bouwen.
Autofabrieken
De oplossing: industrieel bouwen. ‘Maar dat vergt wel een andere manier van denken’, zegt Kuiper. ‘Theo heeft een aantal auto- en andere fabrieken bezocht om te onderzoeken hoe hun processen in elkaar zitten en om daarvan te leren.’ Als je fabrieksmatig woningen van de band wilt laten rollen, moet je volgens Kuiper met vaste standaarden werken. ‘Kijk naar de auto-industrie. Als je een nieuwe Audi bestelt, kun je de dealer niet vragen er eentje te leveren met een Mercedesmotor.’
Door de productie op te knippen in standaard handelingen en onderdelen kan Plegt-Vos breder personeel werven dan alleen uit de groep steeds schaarser wordende bouwvakkers. ‘We hebben veel mensen in dienst die in de vleeswerkende industrie hebben gewerkt. En tijdens corona konden we veel mensen aannemen die hun baan verloren in de horeca. En wat bezoekers aan onze fabriek altijd verbaast, is dat bijna de helft van het personeel uit vrouwen bestaat.’
Badkamerfabriek
Nog een voordeel van de fabriek is dat Plegt-Vos niet is overgeleverd aan de grillen van het weer. Regen, vorst of hittegolven hebben geen invloed. Het werk gaat gewoon door. Een ander bekend bouwprobleem dat de fabriek oplost, is het wachten op een vakman. ‘Een badkamer bijvoorbeeld bestaat uit 22 handelingen: toilet inzetten, leidingen, tegelwerk, afkitten noem maar op. Op de bouwplaats wordt dat door verschillende partijen gedaan. Als eentje er niet is, moeten de anderen wachten en lopen de planningen uit en de kosten op. Dat willen wij niet. We hebben daarom onze eigen badkamerfabriek waarin we alle handelingen kunnen uitvoeren. We hoeven dus nooit te wachten op de ontbrekende vakman.’
Bouwsysteem
Maar voordat de band in hoog tempo kan gaan draaien, moet er eerst veel werk verzet worden door Dita List en haar team van de afdeling Development. Zij hebben een ‘bouwsysteem’ ontworpen voor de legeringsgebouwen. ‘Het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) bedacht in het verleden zelf de oplossing’, zegt List. ‘Dat wordt nu gedaan door de marktpartijen. Dat is ook de beste manier om in hoog tempo legeringsgebouwen te kunnen produceren. Wij ontwikkelen al jarenlang bouwsystemen, voor bijvoorbeeld appartementen. Daarbij houden we rekening met wat goed industrieel is te produceren. Nu hebben wij dus een bouwsysteem voor legeringsgebouwen opgezet. Dan kijken we conceptmatig hoe de gebouwen zo te maken zijn dat ze - na het eerste gebouw in Leeuwarden - ook goed toepasbaar zijn op andere locaties. Hoe groot de kamers precies moesten zijn, was niet specifiek opgegeven. Er moest ruimte zijn voor voorzieningen als een bed, bureau en badkamer. Wij hadden zelf de mogelijkheid om de afmetingen te bepalen. Die ruimte is prettig, omdat wij dan zelf kunnen kijken wat in onze fabriek voor de maakbaarheid het beste is. En goede maakbaarheid is ook het beste betaalbaar.’

Beeld: Sushilla Kouwen/RVB
Designkit
List is er trots op hoe haar team flexibiliteit in het bouwsysteem heeft kunnen verwerken. De omvang van de kamers (1- en 8-persoons) ligt vast. Dat noemt List de 3D-elementen. Vervolgens kun je met 2D-elementen (de vloeren) ruimte maken voor gangen, technische ruimtes en gemeenschappelijke woonkamers. Zo kan elk legeringsgebouw zijn eigen unieke indeling krijgen. Ook heeft Plegt-Vos een designkit gemaakt zodat voor elk legeringsgebouw een ander uiterlijk mogelijk is. Denk aan verschillende kleuren steenstrips. Of juist afwerking met hout. Een plat dak of een schuin dak. Met al die verschillende onderdelen zijn er volgens List honderden verschillende versies te maken.
Circulair en biobased
Duurzaamheid is een standaardeis voor het RVB en dat geldt natuurlijk ook voor de legeringsgebouwen. Plegt-Vos werkt voor de kamers veel met hout, bij uitstek een circulair en biobased bouwmateriaal. List: ‘Circulair bouwen gaat ook over losmaakbaarheid. Wat we monteren, kunnen we ook weer demonteren. Je kunt een gebouw elders opnieuw opbouwen en aan het einde van de levensduur kun je de materialen hergebruiken.’
Een andere eis is 100 procent emissieloos bouwen op locatie. Plegt-Vos had al eigen elektrische vrachtwagens voor het vervoer naar de bouwlocatie. En kamers uit de fabriekshal - ver weg van de bouwplaats - is natuurlijk een goede manier om te kunnen bouwen zonder stikstofneerslag in natuurgebieden. Belangrijk voor Defensielocaties omdat die vaak in of vlakbij Natura 2000-gebieden liggen.




