Marktconsultatie IFR: Ronnie Overgoor interviewt Jille Koop en Rinie Hilhorst

Remontabel (3)

Het thema remontabel gaat feitelijk over duurzaamheid in bredere zin. Binnen duurzaamheid zijn vier belangrijke categorieën te onderscheiden:

  • Energie
  • Circulariteit
  • Biodiversiteit
  • Klimaatadaptatie

De doelstelling is dat een IFR bouwmethode kan bijdragen aan de duurzaamheidsdoelstellingen binnen al deze vier categorieën. Meer informatie over dit thema en de vragen die het Rijksvastgoedbedrijf en Defensie hebben op dit vlak binnen de marktconsultatie zijn te vinden in het marktconsultatiedocument in paragraaf 4.3. Aanvullend hierop geven Rinie Hilhorst (Projectleider planvoorbereiding (Rijksvastgoedbedrijf) Revitaliseringsprogramma)enAdviseur duurzaamheid Revitaliseringsprogramma, Jille Koop een toelichting op dit onderwerp (inzoomend op circulariteit) in deze video.

Marktconsultatie IFR: Ronnie Overgoor interviewt Jille Koop en Rinie Hilhorst

RINIE HILHORST: We verwachten dat we 2,1 miljoen vierkante meter willen gaan slopen en 1,3 miljoen
vierkante meter volgens IFR willen gaan bouwen.
RONNIE OVERGOOR: Vanaf de Bernhardkazerne in Amersfoort, van harte welkom in het kader van het
revitaliseringsprogramma van het Ministerie van Defensie in samenwerking
met het Rijksvastgoedbedrijf doen beide partijen samen een marktconsultatie
om de kennis en de kunde van de markt te gebruiken en om te toetsen of
ze op de juiste weg zijn. Alles over deze marktconsultatie kun je
vinden op de website van het Rijksvastgoedbedrijf
Rijksvastgoedbedrijf.nl als je zoekt onder het kopje Actuee vindt
je daar alles. Industrieel flexibel en remontabel
bouwen, dat is het uitgangspunt van het programma en in dit gesprek
zoomen we specifiek in op het thema remontabel bouwen. En dat doe ik met twee gasten die
bij mij te gast zijn, dat zijn Jille Koop en Rinie Hilhorst. Van harte welkom, beiden.
Even een kort voorstelrondje, begin ik even met jou Rinie
wie ben je en wat doe je binnen deze context?
RINIE HILHORST: Ik ben inderdaad Rinie Hilhorst. Ik werk bij het Rijksvastgoedbedrijf
en ik ben projectleider in de planvoorbereiding van de eerste zes defensielocaties
die we we willen gaan revitaliseren.
RONNIE OVERGOOR: Ok, heel goed. Jille?
JILLE KOOP: Ik ben Jille Koop en ik werk bij het Rijksvastgoedbedrijf aan
het verduurzamen van de gebouwenvoorraad en in dit programma ben ik
betrokken als adviseur circulair bouwen.
RONNIE OVERGOOR: Ja, want dank je wel voor het bruggetje
Rini leg eens even in het kort
IFR bouwen wordt het wel genoemd en de r staat voor remontabel, kun je in het kort eens
even duiden waar die term voor staat wat jou betreft?
RINIE HILHORST: Remontabel is eigenlijk Lego voor grote mensen.
We pakken een gebouw die...
demonteren we, dus die halen we uit elkaar tot elementen en die elementen kun je
vervolgens weer in een andere vorm en op een andere locatie in elkaar...
zetten, maar onder remontabel verstaan we ook duurzaamheid, dus zaken als mileu-diversiteit
klimaatadaptatie, energie, maar ook circulariteit en
in dit gesprek willen we eigenlijk heel graag de vragen die we aan de markt
hebben op het gebied van circulariteit toelichten.
RONNIE OVERGOOR: En circulariteit even voor de wat eenvoudiger interviewer als ik ben.
Wat versta je daaronder? RINIE HILHORST: We hebben de doelstelling als Nederland om in 2050
geen primaire grondstoffen meer toe te voegen
dus als we een gebouw willen bouwen, dan moeten we dat dus eigenlijk doen zonder
primaire grondstoffen. Dus we moeten zo veel mogelijk uit de
kringloop halen. RONNIE OVERGOOR: Hergebruiken. Geen afval meer. Rinie Hilhorst: Precies.
RONNIE OVERGOOR; Hoe urgent is dit? Want jij bent specialist ophef gebied van duurzaamheid
als je adviseur bent, dan weet je er alles van. Hoe urgent is het?
Jille Koop: Ja dat is denk ik goed uit te leggen aan de hand van een aantal voorbeelden.
Circulair bouwenen dat is een middel om bij te dragen aan het tegengaan van
ontwrichtingen, die gaande zijn, ecologisch ontwrichtingen.
Een aantal voorbeelden die dat goed aantonen denk ik en die ook de
koppeling laten zien met bouwen. Ik zag laatst een plaatje en daar schrok ik
heel erg van. Dat was een shot van bovenaf genomen
van een gebied in Siberië, waarbij eigenlijk een heel stuk bos
ingestort is in een grote krater van een kilometer doorsnee.
Wat is er gebeurd? Wat gebeurt daar nu, terwijl we dit gesprek voeren dooit
de permafrost daar. Die enorme hoeveelheid CO2 die opgeslagen
zit in permafrost die komt vrij als gevolg van die dooi. Dat noemen ze
ook wel een feedbackloop, dus door die opwarming smelt permafrost en daardoor komt
extra CO2 vrij, dus dat is een heel groot probleem want
het gebeurt ook sneller dan we hadden verwacht.
RONNIE OVERGOOR: Dus het is vrij urgent? HILLE KOOP: Dus het is enorme urgent en wat is nou
de koppeling met circulair bouwen
30 of meer dan een derde van de huidige CO2 uitstoot komt uit de bouwsector
dus we kunnen door de manier waarop we bouwen, de manier of de keuzes die we
maken in materialen, maar ook hoe we gebouwen gebruiken dus het
energieverbruik daarin, die dragen samen bij aan die uitstoot, dus daar zit een opgave.
RONNIE OVERGOOR: EN binnen die 30 procent, wat een
giga percentage is, en als je het dan vertaalt naar Nederlands
vastgoed, dan is jullie rol van uit het Rijksvastgoedbedrijf natuurlijk geen kleine
want jullie hebben heel veel vastgoed.
JILLE KOOP: Ja, het Rijksvastgoedbedrijf beheert de
grootste vastgoedportefeuille van Nederland.
Dus daar zit een opgave voor ons. En die zien wij ook.
RONNIE OVERGOOR: Ja en een duidelijk commitment van de overheid ook om dit te doen.
Er zijn duidelijke regels afgesproken waar we echt mee aan de slag moeten, dus
ook daar komt druk op de ketel zeg maar. JILLE KOOP: Ja.
RONNIE OVERGOOR: Nou kunnen we dit zien als een probleem en als een doemscenario
maar biedt het ook kansen? JILLE KOOP: Ik denk het wel. Kijk, volgens mij, ik denk dat het ook nog
goed is om nog een ander voorbeeld aan toe te voegen. Ik had het net over.
de emissie, die dus zorgt voor ontwrichting, maar er is nog een
aspect, dat gaat om de grondstoffenuitputting.
We lezen ook uit onderzoek dat de verwachting is dat deze eeuw de
grondstoffen een piek gaan bereiken in de winning ervan
dus dat betekent dat daarna grondstoffen schaarser worden natuurlijk, maar ook
duurder, maar ook slechter van kwaliteit, de
primaire grondstoffen. Het is dus heel slim om nu
na te denken over hoe gaan we om met onze materialen, juist in deze grote
revitaliseringsopgave, die meerdere jaren gaat duren, zodat we straks op het
moment dat die grondstoffen die schaarste bereiken, dat we een voorraad
grondstoffen hebben, materialen in onze voorraad
waar we iets mee kunnen. RONNIE OVERGOOR: Dus Rinie, als ik het goed heb, in Jip en Janneke-taal
heel veel van de van het van het materiaal wat nu
waar het vastgoed nu van is gemaakt, wordt hergebruikt om het
te vernieuwen en om het in een nieuwe vorm weer te gebruiken?
RINIE HILHORST: Ja, dat is inderdaad ons doel. Ja, kijk als we kijken naar het revitaliseringprogramma
we zijn van plan om in twintig jaar tijd 50 hele grote defensielocaties
gaan revitaliseren en aan het eind van het programma
dan moeten die kazernes en die havens
moeten toekomstvast, structureel betaalbaar en duurzaam zijn en dat is niet voor
niks, want als ik kijk naar de voorraad van Defensie, dan staan de gebouwen
er niet zo florissant voor. De gebouwen zijn oud, relatief slecht.
onderhouden Ze zijn relatief klein en voldoen eigenlijk niet...
meer aan de wensen die Defensie heeft. Kijk, een gemiddeld gebouw van Defensie is
ruim 40 jaar oud, kent energielabel F, is ongeveer 250 vierkante meter groot.
Dus ja dat dat zegt ook al iets genoeg over een ander andere vorm van urgentie
maar de urgentie dan voor defensie. RONNIE OVEROOR: Ja. Rinie Hilhorst: Wat we eigenlijk willen
bereiken met het revitaliseringsprogramma is een omvorming van heel veel
relatief kleine gebouwen naar een beperkt aantal hele grote gebouwen.
Als we kijken naar de huidige voorraad.
dan zien we dat ongeveer de helft van de gebouwen geschikt is voor de functie
waarvoor ze gebouwd zijn en de andere helft dus niet. Met name die andere helft
is natuurlijk interessant en daar hebben al heel goed naar gekeken
van welke gebouwen kunnen we alsnog geschikt maken, dus bijvoorbeeld door
de casco's te hergebruiken door gebouwen groter te maken, of door er een verdieping op
te zetten, maar vervolgens houden nog heel veel gebouwen over die ofwel echt te
klein zijn, of al zo oud zijn dat we er eigenlijk weinig meer mee kunnen of
gewoonweg op de verkeerde plek staan en dat is een enorme opgave, want we
verwachten dat we 2,1 miljoen vierkante meter
willen gaan slopen en 1,3 miljoen vierkante volgens IFR willen gaan
bouwen. Inderdaad wat je al aangaf, dus
een van de vragen die we hebben aan der markt: hoe kunnen we er nou voor zorgen
dat we die materialen die vrijkomen bij de sloop...
van die 2,1 miljoen vierkante meter, wat echt enorm veel is, hoe kunnen we die
nou gebruiken bij de bouw van die 1,3 miljoen vierkante meter nieuwbouw?
RONNIE OVERGOOR: Dat is de vraag die je aan de markt stelt? Is daar veel kennis
al aanwezig in de markt? RINIE HILHORST: Ik ben heel benieuwd, ik weet het niet.
Het beeld wat je natuurlijk hebt is...
bij prefab-elementen, dat dat veel beton is en daar gaan over het algemeen
natuurlijk primaire grondstoffen in, maar wat Jille terecht aangeeft
dat moet natuurlijk op een andere manier en het lijkt zo logisch dat
als er zo veel materialen vrijkomen, dat je die probeert in te zetten in
hetzelfde programma. RONNIE OVERGOOR: Jullie heb veel meer vragen aan de markt en wat zich de
komende maanden, dat zal vorm krijgen om al die vragen te
stellen, maar kun je in het kader van dit interview nu nog een punt eruit halen
waarvan je zegt, dat is een vraag die ik absoluut wil stellen
RINIE HILHOTST: Ja dan zou ik graag de vraag over een vergezicht willen doen.
Kijk, we gaan nu bouwen volgens IFR, maar op een geven moment zijn die
gebouwen natuurlijk ook eindig technische levensduur en wat Jille al
aangeeft, de piek komt er aan van het delven van grondstoffen
dus juist in die periode is het heel erg waardevol dat we dan die gebouwen weer
of eigenlijk de materialen die vrijkomen
uit die gebouw uit, dat we die weer kunnen inzetten bij de bouw van
nieuwe gebouwen en dan heb ik het echt wel over een halve eeuw verder, maar het is
hartstikke goed, of hartstikke waardevol als we er nu alvast rekening mee kunnen
houden. Dat is een hele specifieke vraag aan de
markt, hoe we dat kunnen doen. RONNIE OVERGOOR: Nog iets aan toe te voegen?
JILLE KOOP: Ik kan me daar alleen maar volmondig bij aansluiten. Die herbruikbaarheid
later, is ontzettend belangrijk. Dus vooruit denken
dat is waar we voor staan denk ik.
RONNIE OVERGOOR: Ja, het is inderdaad een opgave, een uitdaging, maar ook wat een kansen liggen er
volgens mij voor jullie. Ik wens jullie daar heel veel succes mee en dankjewel voor de toelichting.
Dank je wel voor het kijken, wil je meer weten over het
revitaliseringsprogramma, over de marktconsultatie
kijk dan op de website van het Rijksvastgoedbedrijf, zoek onder het
kopje actueel en je vindt daar alles. Voor nu dank je wel voor het kijken.
Dag