Cultuurhistorisch waardevol militair erfgoed bleef jarenlang onaangeroerd. Simpelweg omdat er weinig geld was voor sloop of ingrijpende aanpassingen. Die tijd is voorbij. ‘Een gebouw moet geen museumstuk worden, het moet gebruikt worden.’
Beeld: Rob ter Bekke/RVB
Defensievastgoed loopt uiteen van sierlijke negentiende-eeuwse kazernes en haastig neergezette wederopbouwloodsen tot architectuur zonder opsmuk uit de jaren tachtig en negentig. Welke gebouwen zijn überhaupt het bewaren waard? En wat moet er dan precies van het oorspronkelijke ontwerp behouden worden? Monumenten genieten bescherming. Maar wat doe je met gebouwen die geen monument zijn, maar wel iets zeggen over de geschiedenis en de architectuur van Defensie?
Dilemma’s
‘Als je een gebouw een bepaalde status wilt geven, moet je een meetlat hebben waar je het langs kunt leggen. Als team zijn wij nu bezig om die meetlat vast te stellen’, zegt Hilde van Meeteren. Zij is coördinerend monumentenadviseur Defensiemonumenten en erfgoed bij het Rijksvastgoedbedrijf (RVB).
Wat doe je bijvoorbeeld met de gebouwen waar de Amerikanen tijdens de Koude Oorlog kernwapens bewaarden? En moet je een verlaten radargebouw met een opvallende koepel laten staan? Of een oude gymzaal voor militairen uit de jaren vijftig, kun je daar gewoon kunststof kozijnen in zetten? Steeds meer van dit soort vragen en dilemma’s komen op Van Meeterens team af.
Verflaagjes
‘Er gebeurt nu veel’, zegt Van Meeteren. ‘Een projectleider bijvoorbeeld zegt dat hij schilderwerk wil laten doen aan een pand met cultuurhistorische waarde. Bij monumenten doe je dan kleurhistorisch onderzoek. Je kijkt welke verflaagjes er zijn en daarop baseer je je kleurkeuze. Dat kost tijd en geld. Moeten we bij gebouwen met cultuurhistorische waarde dezelfde eisen stellen als bij monumenten? Of gaan we er wat losser mee om? Dat we zeggen: het is vooral belangrijk dat het gebouw blijft staan.’
Militair landschap
Defensiegebouwen zijn een weerslag van de Nederlandse geschiedenis. ‘Wij leven in een soort militair landschap’, zegt Van Meeteren. ‘Aan de relicten kun je zien welke conflicten en bedreigingen er zijn geweest: van vestingsteden tot de Nieuwe Hollandse Waterlinie. En op een gegeven moment heb je kazerneterreinen waar Amerikaanse soldaten gelegerd waren. In Woensdrecht heb je daardoor woningen met een echte Amerikaanse bouwstijl met veranda’s. Ook zijn er gebouwen die door de Duitse bezetter zijn gebouwd. Het Nederlandse leger heeft die na de oorlog gewoon in gebruik genomen. Niet dat men dacht: “Dit is van de vijand, dit is beladen.” Nee, het waren goede en degelijke gebouwen. Defensie is heel pragmatisch. Ze bouwden niet voor de mooiigheid, maar keken naar vooral naar wat functioneel is. Wij hebben als RVB de opdracht om te zorgen voor dat militaire erfgoed. Hoe we die opdracht invullen, daar hebben we ruimte in.’
Nieuwe functie
Van Meeteren benadrukt dat aandacht voor de cultuurhistorische waarde zeker geen belemmering hoeft te zijn voor een nieuwe functie van een gebouw. ‘Onderzoekers brengen nu voor het RVB de cultuurhistorische waarde van gebouwen in kaart. En zij kijken ook naar de ensembles van gebouwen (samenhangend geheel van gebouwen, red.) op een bepaalde locatie. Dan weet je wat belangrijk is. En ook wat minder belangrijk is. Dan kun je aangeven waar de speelruimte zit in de aanpassing van een gebouw of een ensemble. Als je een gebouw vanuit historisch oogpunt graag wilt bewaren, wil dat zeker niet zeggen dat je er niets mee kunt. Een gebouw moet juist gebruikt worden en een functie hebben. Het moet geen museumstuk zijn. Dan krijg je alleen maar gedoe over het onderhoud, niemand wil er dan in investeren. Een nieuwe functie is essentieel voor het voortbestaan.’
Routekaart verduurzamen
En Defensie heeft – naast de historische waarde – nog een andere reden om gebouwen niet zomaar te slopen. ‘Defensie kijkt steeds meer naar de gebouwen die ze al hebben, omdat ze merken dat er best veel goede gebouwen bij zitten. Als je vanwege de stikstofproblematiek niet gemakkelijk nieuw kunt bouwen, is het heel logisch om te kijken naar wat je al hebt. En natuurlijk geldt de Routekaart verduurzamen ook voor Defensie. Denk aan hergebruik van bestaande materialen. Dat pleit er ook voor om niet alles te slopen, maar oude gebouwen een nieuwe toekomst te geven.’