Niemand wist hoe oud het Torentje precies is. Dat is nu dankzij de Binnenhofrenovatie wel duidelijk. Voor een inspectie moest de aannemer het plafond openen. En ineens konden onderzoekers bijna 500 jaar terug in de tijd kijken.

Beeld: RVB

Ja, ik wil de nieuwsbrief!

Het ging vorig jaar in het Torentje om een gebruikelijke asbestinspectie. Dat is ook gevonden. Maar toen het plafond van de werkkamer van de minister-president werd opengemaakt, kwam een stokoude en volledig intacte eikenhouten kapconstructie aan het licht. De balken vormen het binnenwerk van de bekende torenspits.

Beeld: RVB

Ook begin 20ste eeuw wist het Torentje maar net aan de sloop te ontsnappen.

Handjevol

‘Heel bijzonder’, zegt Bram Hulshof, monumentenadviseur bij het Rijksvastgoedbedrijf. ‘Er zijn nog maar een handjevol echt oude kappen over op het Binnenhof. Bij een eerdere renovatie in de negentiende eeuw zijn bijvoorbeeld veel kappen vervangen.’
Ook maalde men zelfs begin twintigste eeuw niet om het afbreken van een – naar huidige maatstaven - monumentaal pand meer of minder. Maar het Torentje met zijn kapconstructie heeft op wonderbaarlijke wijze keer op keer weten te ontsnappen aan sloopplannen.

 

Rolsteigertje

De kans om - via de werkkamer van de minister-president - de kap te kunnen inspecteren, wilde Hulshof niet laten schieten. Samen met bouwhistoricus Patrick Bosman van de gemeente Den Haag klom hij via een rolsteigertje en gewapend met zaklampen de zolderruimte in. ‘Je kunt er gemakkelijk staan. Van de zoldervloer tot het puntje van de spits is de constructie zo’n acht meter hoog. En het is een gave constructie’, zegt Hulshof. Daarmee bedoelt hij dat bijna alles origineel is. Er is in al die eeuwen amper lap- en herstelwerk nodig geweest.

De spantconstructie heeft ongehavend de 21ste eeuw weten te bereiken.

Beeld: RVB

De ruw gezaagde balken soms nog met spinthout (het buitenste ronde randje van een stam) zijn voor kenners aanwijzingen dat het om een hele oude constructie moet gaan.

Beeld: RVB

De kapconstructie is een bouwpakket. De in het hout gebeitelde cijfers gebeitelde cijfers gaven voor de timmerlieden uit de zestiende eeuw aan welke delen bij elkaar hoorden.

Beeld: RVB

Spinthout

Bosman zag al meteen dat het timmerwerk heel oud moet zijn. ‘De balken zijn met de hand gezaagd. Met name vanaf de zeventiende eeuw zie je balken uit houtzaagmolens waarmee je veel rechter bouwhout kunt maken. Je zou die molens een vorm van industrialisatie kunnen noemen. Op door molens gezaagd hout, zie je een ritmisch patroon op het hout. Dat was hier niet het geval. Het is allemaal wat ruwer bewerkt, het was duidelijk met de hand gezaagd. Je ziet ook nog spinthout (het buitenste ronde randje van een stam, red,). Dat lieten ze in de zestiende eeuw gewoon zitten. Dat was ook prima omdat je de kapconstructie natuurlijk niet ziet.’

Rechte en gebroken merken

En Bosman ontdekte nog meer: op de balken zaten ‘rechte merken’ en ‘gebroken merken’. ‘Rechte merken zijn romeinse cijfers van één tot en met vier die in het hout zijn gebeiteld. Die zaten aan één kant. En aan de andere kant zie je gebroken merken, dat zijn romeinse cijfers met een knikje erin.’
De gebeitelde cijfers zijn voor Bosman een teken dat het om een bouwpakket gaat. Hij vermoedt dat een ploegje onder leiding van een ervaren timmerman naast het Torentje of in een werkplaats de kapconstructie heeft gebouwd. En vervolgens weer uit elkaar gehaald. De cijfers geven aan welke onderdelen bij elkaar hoorden.

Dendrochronologisch onderzoek

Bosman, die voor de afdeling Monumentenzorg van de gemeente Den Haag werkt, wilde heel graag weten hoe oud de constructie precies is. Daarvoor is dendrochronologisch onderzoek nodig. ‘Dendro is hout. En chronologisch zegt iets over datering. Met dendrochronologisch onderzoek kunnen we het hout dateren’, zegt Hulshof. ‘Maar daarvoor hadden wij geen budget. Vanuit planvorming van de Binnenhofrenovatie is er namelijk geen noodzaak om de kapconstructie te onderzoeken.’
Maar het plafond gewoon dichtmaken was eigenlijk ook geen optie. ‘Het is een unieke mogelijkheid om onderzoek te doen.’ De gemeente zocht daarom contact met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). Bosman: ‘De RCE geeft subsidie om dendrochronologisch onderzoek te stimuleren. En zo is Sjoerd van Daalen in beeld gekomen die gespecialiseerd is in dendrochronologisch onderzoek.’

Beeld: RVB

‘Je moet er eigenlijk een soort sigaar uitboren’, zegt dendrochronoloog Sjoerd van Daalen.

Jaarringen

Van Daalen klom met een holle boor ook de zolder in om op tien plekken monsters te nemen. ‘Je moet er eigenlijk een soort sigaar uitboren’, zegt Van Daalen. De basis van dendrochronologie is het vergelijken van jaarringen. Aan de hand van een reeks jaarringen kan Van Daalen bepalen wanneer een boom heeft geleefd. Bomen uit hetzelfde gebied en uit een gelijke periode hebben allemaal een vergelijkbaar groeipatroon.
‘Met een monster uit een balk krijg je een reeks jaarringen. Met voldoende jaarringbreedtes op een rij heb je eigenlijk een soort vingerafdruk of een streepjescode van de boom. Die streepjescode haal je langs een database met bekende jaarringdateringen. En dan valt de streepjescode op zijn plek. Of niet. Maar als die op zijn plek valt, dan ligt die vast en is de datering tot op het jaar nauwkeurig. Alle gedateerde monsters wijzen op hetzelfde jaartal. Je kunt veilig stellen: de kap is nagenoeg uniform.’

Zweden

Ook de locatie heeft Van Daalen kunnen achterhalen. ‘Scandinavië. Daar is gewoon enorm veel hout vandaan gehaald. Dus daar hebben we veel referenties voor. Ik durf zelfs te stellen dat het Zuid-Zweden is. Want daar passen de jaarringen perfect bij.’
En Van Daalen was blij dat hij op de ruw gezaagde balken ronde delen met spinthout aantrof. ‘Dat is de buitenste jaarring en die correspondeert met het laatste jaar waarin de boom leefde. Het jaar waarin hij werd omgezaagd.’

Weinig bekend over Torentje

En dat was de herfst van 1546 of de winter van 1546/47. Daarna zijn de stammen verscheept. Dat is nu voor eens en voor altijd duidelijk. Dat vindt Hulshof prettig, want veel over het Torentje was in nevelen gehuld. ‘Het Torentje is een van de belangrijke plekken op het Binnenhof waar we relatief weinig over weten. We weten dat hij ooit herbouwd is. Maar in welke eeuw? De literatuur hierover spreekt elkaar tegen. Dus hoe kun je nou beter vaststellen hoe oud het Torentje daadwerkelijk is dan door wetenschappelijk onderzoek waarmee je onomstotelijk vaststelt uit welke tijd het hout afkomstig is?’

Beeld: Haags Gemeentearchief

Het Torentje (links op de afbeelding) was een tijd de dienstwoning van de kastelein van een vlakbij gelegen herberg.

Kantoor minister-president

Over het gebruik van het Torentje, is het een en ander in de archieven te vinden. ‘Het lag aan de informele kant van het Binnenhof’, zegt bouwhistoricus Bosman. ‘Het was enige tijd verhuurd als onderdeel van de dienstwoning voor de kastelein van een nabijgelegen herberg.

Beeld: RVB

En wat nu het Mauritshuis (dat ligt pal naast het Torentje, red.) is, was vroeger natuurlijk bedoeld als woonhuis van graaf Johan Maurits. Dat oude torentje vond hij geen gezicht vanuit zijn moderne stadspaleis. Hij had in 1645 bedongen dat de spits – het Torentje was nog in particuliere handen - op zijn kosten afgebroken mocht worden en vervangen zou worden door een balustrade.’ Dat plan is nooit uitgevoerd.‘Op een gegeven moment vertrok hij uit Den Haag en zal hij het erbij hebben gelaten.’
Vele eeuwen later was de voormalige dienstwoning van de kastelein een zwaartepunt van de macht geworden op het Binnenhof. Bosman benadrukt dat het om een recente ontwikkeling gaat. ‘Het is pas sinds Ruud Lubbers in 1982 dat het Torentje het kantoor van de minister-president is.’ Het Torentje zal na de afronding van de renovatie in 2031 weer het kantoor van de minister-president worden.

Monumentenadviseur Bram Hulshof over het Torentje

0:00
0:00
/
0:00