Dubbele Moormanbrug: in de echte én digitale wereld

Digitalisering van de bouw helpt het Rijksvastgoedbedrijf om sneller, goedkoper en duurzamer te werken. Zo is de Moormanbrug in één dag gescand. ‘Bij het digitaliseren van de Moormanbrug ging een wereld voor mij open’, zegt civiel ingenieur Robert van Breugel.

Vergroot afbeelding Moormanbrug
Beeld: John van Helvert

De Moormanbrug in Den Helder is aangelegd in 1954. De informatie over de oude brug was verspreid over talloze tekeningen en documenten. Met het digitale model is er nu één overzichtelijke weergave van de complete brug. ‘Door het digitaliseren van de Moormanbrug kan je met drie klikken informatie opvragen. Iedere keer ellenlange dossiers afstruinen is daardoor niet meer nodig’, geeft Van Breugel aan.

De brug is in slechts één dag volledig ingescand. Hiervoor zijn twee meetinstrumenten geplaatst op een boot. Een laserscan aan een kraan scande het zichtbare deel bovenwater. De scan straalt signalen uit naar de brug die vervolgens terugkaatsen op de scan. De fundatie van de brug onderwater is ingescand door middel van een sonarapparaat die echo’s zendt.

Een computer slaat alle datapunten van boven- en onderwater op en voegt dit samen tot één puntenwolk. Zo leveren de twee scans samen een Bouw Informatie Model, oftewel een BIM-model op. Het BIM-model van de Moormanbrug is gekoppeld aan inspectiegegevens. Dit maakt het digitale model uitermate geschikt voor het onderhoud van de brug.

Voordelen digitalisering

Voor Van Breugel ging er een wereld open: de mogelijkheden van digitale modellen zijn eindeloos. Naast dat een BIM-model zorgt voor veel overzicht, dient het ook als communicatiemiddel richting aannemers en ingenieursbureaus. Zo bevat een digitaal model de optie om kaartjes met informatie aan de brug te hangen die handig zijn voor inspectie. Van Breugel: ‘Die informatie komt ten goede aan het onderhoud omdat meer gedetailleerde informatie leidt tot betere controles. Veiligheid is dan nog beter te garanderen.’

Digitalisering draagt ook bij aan het verduurzamen van de bouw. Zo laat een digitaal model zien welke materialen waar in een object zitten. Ook de status van het materiaal is digitaal vast te leggen. Doordat aannemers van elkaar weten welke materialen geschikt zijn voor hergebruik, is uitruil van materialen tussen bouwprojecten mogelijk. Op deze manier draagt digitalisering bij aan circulair bouwen.

‘Daarnaast brengen software zoals DuboCalc in kaart hoeveel CO2- en stikstofuitstoot gemoeid is met het aanleveren van materialen uit het buitenland. Na digitalisering kun je dat soort software koppelen aan je object’, legt Van Breugel uit. Door beter inzichtelijk te maken hoeveel je uitstoot, kun je die uitstoot verlagen.

Zelf doen

Een nadeel van BIM-modellen is dat de bestanden die de scans opleveren erg groot zijn. Momenteel beschikt het Rijksvastgoedbedrijf niet over de mogelijkheid om de formaten van de bestanden te comprimeren: zowel het verkleinen van de bestanden als het aanbrengen van wijzigingen aan een digitaal model moet nu nog via ingenieursbureaus. ‘Dat is geen handige manier van werken. We willen dat graag zelf kunnen. Daar gaan we dan ook de komende tijd mee aan de slag’, zegt Van Breugel.

Vergroot afbeelding
Beeld: Rijksvastgoedbedrijf

Drones

Wanneer de Moormanbrug aan de beurt is voor inspectie, komt het gedigitaliseerde model ook van pas. Het inspecteren van een brug is duur en neemt veel tijd in beslag. Nu gebeurt inspectie met een vrachtwagen op de brug. De wagen beschikt over een lange arm die onder de brug door gaat. Aan het uiteinde van die arm staat een inspecteur in een bakje. ‘Omdat de vrachtwagen op de weg staat, is de hele brug geblokkeerd voor verkeer’, vertelt Van Breugel. ‘Daarom willen we voor inspectie drones gaan gebruiken. De data kunnen we dan kopellen aan het model.’

Voordat het zover is, moet er nog een hoop gebeuren. Daarom voert het Rijksvastgoedbedrijf een pilot uit om digitalisering met drones verder te ontwikkelen. De eerste fase van de pilot betrof het inspecteren van complexe objecten op locaties van het Rijk en Defensie. Hieronder vallen gebouwen die vanwege de hoogte of een moeilijk toegankelijk dak, lastig te inspecteren zijn.

Fase twee is van start gegaan om te onderzoeken of inspectie van de brug efficiënter is met drone, om vervolgens de data te koppelen aan het bestaande 3D-model. Ook het inspecteren van een gevaarlijke leidingentunnel met elektriciteitsinstallaties en gasleidingen valt onder fase twee. In de toekomst zijn ook bruggen en andere constructies op kazernes aan de beurt. Van Breugel: ‘We zijn dus nog lang niet klaar. Dit is pas het begin.’