Verleden verbinden met nieuwe woonwijk

Archeologen zijn van start gegaan met het tweede deel van een groots onderzoek op marinevliegkamp Valkenburg. Zij brengen het Romeinse verleden van deze plek in kaart, voordat het Rijksvastgoedbedrijf begint aan de bouw van een nieuwe en duurzame woonwijk. De verwachtingen zijn hoog gespannen.

Peter Jongste
Beeld: Bas Kijzers

Bijzondere locatie

Projectarcheoloog Peter Jongste is al jaren betrokken bij het archeologisch onderzoek op deze plek. ‘Dit is voor archeologen een hele bijzondere locatie. Vanwege de omvang en het feit dat de archeologische resten redelijk gaaf bewaard zijn gebleven. Omdat hier lang een vliegkamp was, is de ondergrond relatief weinig verstoord. Er is in het verleden geen agrarische activiteit geweest of woningbouw. Er zijn ook geen grote schommelingen in het grondwaterpeil geweest, zodat de conservering in de kleibodem goed is. We verwachten daarom dat er veel bewaard is gebleven.’

Verdedigingslinie

De Romeinse fortificatie (30 na Chr.- 300 na Chr.) bevond zich aan de noordgrens van het Romeinse rijk (de zogeheten Limes) en was het meest westelijke verdedigingswerk op het continent. Het maakte deel uit van een belangrijke verdedigingslinie met wachttorens en kampementen, omgeven door aarden wallen en spitsgrachten. Uit archeologisch onderzoek in 1943 bleek al dat het Romeinse fort onder de huidige kerk van Valkenburg lag. ‘Wellicht is Valkenburg zelfs een uitvalsbasis geweest voor de verovering van Engeland in 43 na Chr. en was hier een deel van de invasievloot gestationeerd. Misschien treffen we ter plaatse scheepswrakken en aanlegsteigers aan in een voormalige binnenhaven langs de Oude Rijn’, zegt Jongste.

Wijn, olijfolie en vissaus

Op de plek waar nu onderzoek wordt gedaan, zal vanaf ongeveer 100 na Chr. een handelsnederzetting zijn ontstaan waar goederen van heinde en verre werden aangevoerd, via de Rijn en via zee. Vanuit Spanje bijvoorbeeld zal wijn, olijfolie en vissaus - een belangrijke smaakmaker in die tijd- zijn ingevoerd, aldus Jongste. Hij verwacht daarom verpakkingsmateriaal van die exotische producten (aardewerken kruiken) aan te treffen, maar ook (houten) gebruiksvoorwerpen, gevlochten manden en matten, gereedschappen en werktuigen.

Schrijfplankjes met was

Jongste hoopt schrijfplankjes aan te treffen. ‘Men schreef destijds op houten plankjes met een laag was erop. Die was is verdwenen, maar bij Romeinse forten in Vechten en in Engeland zijn dit soort plankjes ook gevonden. De  teksten waren zo diep in het hout gekrast, dat ze nu nog leesbaar zijn. Als we die hier ook vinden, komen we misschien iets meer te weten over het dagelijks leven van de soldaten die hier gelegerd waren en brieven schreven naar hun ouders of geliefden.’

Trouwen en kinderen krijgen

Er heeft waarschijnlijk honderden jaren een bloeiende Romeinse gemeenschap op deze plek bestaan, vermoedt hij. Soldaten kregen na hun diensttijd een stuk land en gingen boeren, ze trouwden, kregen kinderen en zo ontstonden er dorpen. ‘Mensen leefden hier hun leven.’ Bij eerder onderzoek zijn ook graven met crematieresten ontdekt. De Romeinen hebben hier tot 274 na Chr. gewoond. Toen werden de forten van de Limes verlaten en trokken de troepen zich tijdelijk terug, om kortstondig weer terug te keren in de vierde eeuw. Daarna werden de oude fortificaties van Valkenburg ingenomen door de Merovingers.

Objecten conserveren

Meerdere teams voeren het  archeologisch onderzoek tegelijkertijd uit. Het is de bedoeling dat het veldwerk in het voorjaar van 2021 is afgerond. Alle vondsten worden gedocumenteerd en gedeponeerd in het provinciaal depot in Alphen aan de Rijn. De teams conserveren bijzondere kwetsbare vondsten, bijvoorbeeld vlechtwerk van matten of manden, zodat er onderzoek gedaan kan worden naar de gebruikte technieken.

Verhalen vertellen

Het is natuurlijk de bedoeling dat het rijke verleden van Valkenburg op één of andere manier zichtbaar en beleefbaar wordt in de nieuwe woonwijk. Jongste: ‘Dan moet je niet zo zeer denken aan huizen in Romeinse stijl, maar het Romeinse verhaal kan wel veel toevoegen aan het stedenbouwkundig ontwerp, in het landschap, het stratenpatroon of in de aankleding van zo’n nieuwe wijk. Het zijn bijzondere verhalen die je kunt laten zien en die toekomstige bewoners herinneren aan de bijzondere geschiedenis van deze plek. Zoals bijvoorbeeld ook de verkeerstoren en de oude landingsbanen van het vliegkamp dat doen. Al die historische herinneringen voegen iets waardevols toe aan de nieuwe woonomgeving. Hoe die terug kunnen komen in de nieuwe wijk, wordt de komende tijd verder uitgewerkt.’