Verhalen

Assetmanager Peter van Riet

Hij is 18 jaar werkzaam bij het Rijksvastgoedbedrijf, sinds 2005 als assetmanager. Wat vindt Peter van Riet leuk aan deze job? ‘Problemen van klanten oplossen. Een katalysator zijn, als smeerolie fungeren. Dit doe ik door de grenzen van regels op te zoeken en creatief te zijn. En mijn collega´s vertellen waar ik tegenaan loop en vragen hoe ik dat kan oplossen.´

Peter van Riet voor jachthuis St. Hubertus

Peter van Riet bij een van ‘zijn’ gebouwen: het jachthuis Sint Hubertus in Hoenderloo.

Huurcontracten opstellen, verlengen of uitbreiden - bijvoorbeeld bij een verbouwing - is één van zijn taken. Maar ook relatiemanagement. Zo startte Van Riet een overleg over het pand van de Algemene Rekenkamer om het regulier onderhoud te bewaken en te monitoren. ‘Als er zaken niet goed gaan, regel ik dat’.

Op pad met assetmanager Peter van Riet.

Van Riet & Van der Meij in gesprek

10.00 uur: Overleg op kantoor, KV7 Den Haag

Als assetmanager “specialties” heeft Van Riet monumenten met een erfgoedfunctie, zoals het jachthuis Sint Hubertus, Huis Doorn, het Muiderslot en de Gevangenpoort in portefeuille. Maar ook parkeergarages en Hoge Colleges van Staat, zoals de Algemene Rekenkamer en de Nationale Ombudsman. En nog enkele musea. Hij bespreekt vanochtend via FaceTime de status van de museumovereenkomsten. Dit is vanwege het nieuwe huisvestingsstelsel voor musea per 1 januari 2017. Ook bespreken ze juridische kwesties over het huurcontract met het Kröller Müllermuseum en andere musea en de uitgestelde renovatie van de Koninklijke Bibliotheek.

Peter van Riet belt collega

10.45 uur: Verdwalen

Van Riet spoedt zich naar het volgende overleg, maar raakt verdwaald op de 1e etage aan het Korte Voorhout. ‘Waar zitten jullie?’, vraagt hij. Aan tafel aangeschoven mengt hij zich in het gesprek met collega’s en onderzoekers. Het gaat over de voortgang van het bouwhistorisch onderzoek naar het gebouw aan de Korte Vijverberg in Den Haag, waar het kabinet van de koning zit. Van Riet: ‘Er is planmatig onderhoud nodig voor binnen en buiten schilderwerk. Als we dit kamer voor kamer doen, duurt het werk 72 weken. Als het kabinet tijdelijk verhuist, kan het in slechts 26 weken. Een groot verschil. Ook hangt de tijdsduur af van wat het bouwhistorisch onderzoek oplevert.’

11.20 uur: Uitbreiding bouwhistorisch onderzoek

Het bouwhistorisch onderzoek - naar het gebouw aan de Korte Vijverberg - was allereerst nodig vanwege een probleem met de warmte in de zomer. Buitenzonwering aanbrengen, kan dit probleem oplossen. Door te onderzoeken of er in het verleden al buitenzonwering zat, hebben we meer kans op een vergunning hiervoor. Vanwege de voorgenomen onderhoudswerkzaamheden is het bouwhistorisch onderzoek uitgebreid. ‘Er zijn kamers bij, waarvan de verf bijgewerkt moet worden. Maar er zijn ook kamers die groot schilderwerk behoeven’, zegt Van Riet. Het bredere onderzoek omvat ook de integrale toegankelijkheid en pantry van het pand. Maar is hier voldoende geld voor? Van Riet denkt dat de investeringen in het gebouw te hoog worden. Het gezelschap spreekt nog even na al kijkend naar foto’s van kamers in het pand.

Peter van Riet & Johan de Haan

11.35 uur: Op weg naar de Hoge Veluwe

Samen met collega Johan de Haan, adviseur monumenten bij het Atelier Rijksbouwmeester haast Van Riet zich hierna per auto richting Hoge Veluwe (Johan de Haan is nu hoofdconservator bij museum paleis het Loo, red.). Op weg naar het prachtige jachthuis Sint Hubertus, het voormalige woonhuis van de familie Kröller-Müller, ontworpen door architect Berlage. Een gewilde logeerplek voor bewindslieden, maar doorgaans ook toegankelijk voor een rondleiding. Bij het jachthuis is anderhalf uur later ook objectmanager Antoinette van den Berg aanwezig. Het gezelschap is hier bijeen om het schilderwerk binnen te inspecteren. Bij de vorige renovatie rond 2010 is het schilderwerk niet bijgewerkt.

Entreehal in jachthuis St Hubertus

13.00 uur: Entree jachthuis Sint Hubertus

De entree van het jachthuis beneemt gewone bezoekers direct de adem. Architect Berlage heeft op dit jachthuis zijn karakteristieke stempel gedrukt. Hij heeft het van 1915 tot 1920 in opdracht van het echtpaar Kröller-Müller ontworpen, van top tot teen en van binnen tot buiten.

Speuren naar verscheuren

13.15 uur: Speuren naar scheuren

Begeleid door de beheerder van het jachthuis loopt de groep langs alle kamers speurend naar verfscheuren en verf die afbladdert op muren en plafonds. ‘Zit daar een scheur of is dat een spinnenweb’, grapt Van den Berg. Een kamer verder zegt De Haan: ‘Het valt mij op dat er maar een dun laagje verf op zit. Het is net een sinaasappelhuidje. Je ziet dat het met een roller is geschilderd.’

Slaapkamer in jachthuis St Hubertus

13.45 uur: De slaapkamer

De inspectie gaat door in de voormalige slaapvertrekken van het echtpaar Kröller-Müller, kamers die niet toegankelijk zijn voor bezoekers.

Johan de Haan wijst naar verfscheur

14.10 uur: Ruimten met veel radiatoren

Kenmerkend zijn de verfscheuren op muren en plafonds, waar een radiator onder een raam staat. De Haan: ‘Dat is meestal cruciaal voor de verflaag. De overgang van koude en warme lucht.’ Dit is ook goed zichtbaar in de toiletkamer, aan het plafond in de erker. Als Sherlock Holmes duiken de heren en dame in alle hoeken en gaten en maken ze rap aantekeningen van hun bevindingen.

Werkkamer Helen Kröller-Müller

14.40 uur: Mooi optrekje

Nog even een kijkje in de voormalige werkvertrekken van de Kröller-Müllers. Van Riets eerste conclusie - na de inspectie in het gebouw - is dat de aanpak van de onderhoudswerkzaamheden waarschijnlijk kamer voor kamer zal zijn. Maar dit is nog om nader te bespreken met collega’s en de klant. Na zo’n anderhalf uur inspectie verlaat het gezelschap het schitterende monument. Ondertussen trekken wat late bezoekers met bewonderende blikken door het jachthuis. De verfscheuren ontgaan hen gelukkig.